Pensioen, er valt weer wat te kiezen!

Gepubliceerd op 30 maart 2017

In juni 2016 heeft de Tweede Kamer ingestemd met de ‘Wet verbeterde premieregeling’. De wet is ingegaan op 1 september 2016. Deze wet geeft werknemers die met pensioen gaan meer keuzemogelijkheden.

Waarom een nieuwe wet?

Onder de oude regelgeving koopt een deelnemer, voor het kapitaal dat bijeen is gespaard in een beschikbare premieregeling op het moment dat hij of zij met pensioen gaat, ineens een levenslange pensioenuitkering. De hoogte van de uitkering is afhankelijk van onder andere de rentestand op de pensioendatum. Is de rentestand op het moment dat iemand met pensioen gaat laag, dan heeft diegene ‘pech’: gedurende zijn hele pensionering waren de pensioenuitkeringen gebaseerd op deze lage rentestand. Omgekeerd heeft iemand bij een hoge rentestand gedurende zijn hele pensionering ‘geluk’: zijn pensioenuitkeringen zijn gebaseerd op deze hoge rentestand. Doordat de rentestand al geruime tijd laag is zien veel mensen die de pensioengerechtigde leeftijd bereiken op deze manier een deel van hun pensioen ‘verdampen’.

Een tweede probleem is dat pensioenuitvoerders (pensioenverzekeraars en pensioenfondsen) hun beleggingsstrategie volledig afstemmen op de pensioenrichtdatum van de werknemer door in de laatste jaren voor zijn pensioen het risico geheel af te bouwen. Daarmee worden grote schommelingen in de hoogte van de uitkeringen voorkomen. Het rendement is daardoor in de laatste jaren echter ook laag.

Welke mogelijkheden biedt de wet?

De invoering van de wet geeft u de keuze: u kunt nog steeds op uw pensioendatum een vast pensioen aankopen op basis van de rentestand op dat moment, maar u kunt ook een variabele pensioenuitkering aankopen waarvan de hoogte afhankelijk is van de ontwikkeling van de rentestand: een ‘variabel’ pensioen dus. Als u hiervoor kiest, wordt met (een deel van) uw pensioenkapitaal ook na uw pensionering nog belegd. Dit wordt ook wel doorbeleggen genoemd. Als de rente in de toekomst stijgt, stijgen ook uw uitkeringen. Als de rente in de toekomst daalt, dalen ook uw uitkeringen.

Wanneer maakt u de keuze?

Veel mensen beginnen zich rond hun 60-jarige leeftijd te oriënteren op hun pensioen. Door deze nieuwe wet is het echter aan te raden aan werknemers om zich al eerder te verdiepen in de mogelijkheden. Al ruim voor pensionering kan er ‘voorgesorteerd’ worden op eventueel doorbeleggen door het hanteren van een eigen beleggingsstrategie. De eerste stappen kunnen al 20 jaar voor pensionering worden gemaakt, dus soms al op 45-jarige leeftijd.

Verschillende pensioenuitvoerders

De nieuwe wet biedt de pensioenuitvoerders (zoals verzekeraars en pensioenfondsen) vrijheid om een eigen invulling te geven aan het doorbeleggen. In de praktijk betekent dit dat uitvoerders verschillende mogelijkheden bieden. Laat u hier goed over voorlichten, bijvoorbeeld door onze specialist Jan Willem Gakes.